Naam: Ministerie van Landbouw, Visserij en Voedselvoorziening Den Haag
Type: ministeries; ,kantoorgebouwen;
Architecten: Friedhoff, G., 1950; Bolten, M., 1950; Engberts, H.L., 1950; onbekend, 1950, 1953, uitvoering rijkskantoorgebouw-; Friedhoff, G., 1956, uitbreiding met ministeriegebouw-; Bolten, M., 1956, uitbreiding met ministeriegebouw-;
Bijdragen: onbekend -uitvoering ministeriegebouw-, Groenestein, J. -sgrafitto-, Molin, W. -sgraffito-, Bayens, H. -sgrafitto-, Hordijk, G. -wandschildering-, Wenckebroek, K. -glas-in-lood-, Bouhuys, J. -mozaiek-,
Adres: Bezuidenhoutseweg-Prins Clauslaan 4-8, Den Haag;
Archiefgegevens: NAi/FRIE 2.18 (1 tekening), 2.26 (diverse stukken), 2.59 (foto's)
Bijzonderheden:

De Rijksgebouwendienst wilden op deze locatie vanaf de eerste planontwikkeling het gehele ministerie huisvesten, maar om budgettaire en politieke redenen was uitvoering enkel mogelijk onder de naam van 'rijkskantorengebouw'. Een deel van het complex werd bestemd voor de huisvesting van de luchtmachtstaf, maar het duo Friedhoff en Bolten ontwierp echter wel met de uiteindelijke bestemming als departementsgebouw in gedachte. De pas later geheel nieuw ontworpen vleugel aan de Bezuidenhoutseweg is door Friedhoff als particulier architect gebouwd, na zijn pensionering in 1957. Het complex bestaat uit vier evenwijdig gelegen rechthoekige bouwdelen van zes of zeven lagen hoog, ter weerszijde met elkaar verbonden door lagere vleugels. Over de drie grote binnenplaatsen en door de verschillende vleugels loopt parallel aan de Prins-Clauslaan een binnenweg. Aan de kopse kant rechts bevindt zich een ovaalvormige uitbouw die onder meer dienst heeft gedaan als kantine. Friedhoff kreeg de taak om in zijn ontwerpen voor de regeringsgebouwen begrippen als 'duurzaamheid' en 'degelijkheid' uit te dragen, beide ingegeven door de gedachte van de voorbeeldfunctie van het overheidsbouwen in de wederopbouwperiode. Friedhoff voegde daar zelf de begrippen 'waardigheid' en 'traditie' aan toe. Naast de architectonische vormentaal, stond hem daarbij met name de waardige plaats die de gebouwen in het straatbeeld moesten innemen voor ogen. Geheel volgens de opvattingen van Friedhoff, werd voor de aankleding interieur tal van kunstenaars gevraagd om aan de visserij, landbouw en de natuur gerelateerde kunstwerken te maken. Hiervan is M.C. waarschijnlijk wel de befaamdste. Voor de vloeren en deuren werden kostbare materialen gebruikt.

  Literatuur

Illustraties:

Literatuur wordt geladen ...